De mythes van veganistisch eten weerlegd (want nee, het is niet duur of saai)

Veganistisch eten is duur, veganistisch eten is niet goed voor je lijf en soja is slecht voor het milieu, allemaal mythes die veganisten weleens om de oren krijgen geslingerd. Maar met het oog op het dieet van de toekomst én met Veganuary voor de deur, weerleggen we deze mythes maar al te graag. Want nope, plantaardig eten is niet saai en ook je portemonnee loopt er niet op leeg.

Plantaardig eten is het eten van de toekomst, als je het ons vraagt. En na het lezen van dit artikel kun je er niet meer omheen.

Veganistisch eten

Als je veganistisch eet dan streef je ernaar om dierlijke producten te vermijden. Bij veganisme gebruik je ook geen dierlijke producten, zoals bont of leer. Hier zitten niet alleen voordelen aan voor de dieren zelf, maar ook voor ons milieu. We vertellen je welke mythes er bestaan rondom veganisme.

1. Je komt niet aan je ADH eiwitten

We hebben vlees, vis en kwark nodig om aan onze eiwitten te komen. Een gedachte die nog steeds bij veel mensen speelt, maar die vegans vaak moeten weerleggen. Ook in de must-see docu The Game Changers komt deze mythe naar voren.

Maar in plaats van de vraag ‘waar moet je als mens je eiwitten uit halen?’ kan je ook kijken naar de vraag ‘waar halen dieren hun eiwitten vandaan?’. Bijna alle dieren die wij als mens eten, eten plantaardig. Wat betekent dat ook dieren hun eiwitten uit planten halen. Plantaardig eiwit vind je in volkorenbrood, graanproducten, peulvruchten, noten, pinda’s en paddenstoelen.

In vlees zit veel hoogwaardig eiwit, maar het is onzin dat we vlees nodig hebben om aan de hoeveelheid eiwitten (en dus essentiële aminozuren) te komen per dag. Waar je als veganist (en vegetariër) wel op moet letten, is dat je genoeg eiwitten uit verschillende bronnen binnenkrijgt voor de juiste verhoudingen aan eiwitten.

In plantaardige voeding zitten minder essentiële aminozuren en de eiwitten zijn moeilijker te verteren. De oplossing? Producten combineren, zoals peulvruchten (bonen, linzen, erwten en pinda’s) én granen (rijst, havermout, tarwe, pasta). Eet dus rijst in combinatie met linzen voor een volwaardige eiwitbron tijdens je avondmaaltijd.

2. Veganisme is duur

Nog zo’n onwaarheid die mensen weleens gebruiken als ‘excuus’ om niet plantaardig te eten: veganisme kost veel geld. Veganistisch eten kan inderdaad duur uitpakken als je je volop op de avocado’s stort en yep, havermelk kost inderdaad veel meer dan het zou moeten. Maar als je ‘gewoon’ eet, is plantaardig voedsel alles behalve duurder dan vlees, vis of kaas.

Stap een willekeurige supermarkt binnen om je AVG-tje (Aardappels, Vleesvervanger, Groente) te scoren en je ziet al gauw dat die kipstukjes of worstjes in de meeste gevallen duurder uitvallen dan het vega alternatief.

Zo kost een vega biefstuk bij Albert Heijn €3,69 euro voor tweehonderd gram en een echt biefstuk kost €5,14 voor 275
gram.

3. Je krijgt niet genoeg vitamine en mineralen binnen

Net als eiwitten zijn er ook andere vitaminen en mineralen die je als veganist niet genoeg binnen zou krijgen. Het algemene eetadvies van het Voedingscentrum is: eet driehonderd gram groente en twee stuks fruit (volgens voedingsdeskundige Anne de Meulmeester moeten we zelfs vijfhonderd gram groente eten) en eet gevarieerd. Dit geldt voor iedereen, of je nu plantaardig eet of wel vlees, vis en melk nuttigt.

Natuurlijk krijg je inderdaad niet genoeg binnen als je alleen maar vegan kapsalon eet, maar dat geldt ook voor niet veganisten die elke dag kapsalon eten. Je voelt ‘m al aankomen: je krijgt gewoon genoeg voedingsstoffen binnen, zolang je maar bewust eet.

Zo haal je calcium misschien niet uit melk en kaas, maar wordt dat wel toegevoegd aan plantaardige melken en vind je het ook in verschillende groente (zoals courgette), noten en peulvruchten. IJzer vind je in vlees en vis, maar ook in cashewnoten, kidneybonen, spinazie, boerenkool, volkoren producten, etc.

Waar je wel op moet letten als veganist is je B12 inname. B12 vind je alleen in dierlijke producten. Hoewel die dieren B12 ook uit plantaardige voeding én de B12-toevoegingen aan het kunstvoer halen, is dit wel onze bron van B12 (maar eigenlijk dus ook niets meer of minder dan een supplement via een andere weg). Kaas en melk bevatten daarentegen lang niet zoveel B12 als we dachten.

Het wordt dus aangeraden om als veganist (maar ook als lactovegetariër), B12-supplementen in te nemen. Ook wordt B12 aan vleesvervangende producten toegevoegd (zoals plantaardige melk en falafel). Let op: als je supplementen slikt, wordt het aangeraden dit in overleg met je voedingscoach of arts te doen.

View this post on Instagram

💚🌱 Veganuary is on a mission this year. Who's with us!? You've got the whole of January to sign up, but why not try Vegan with us today? • ☝ Sign up now! Link in bio. • #Vegan #Vegans #PlantBased #CrueltyFree #VeganForLife #VeganAF #VeganMovement #VegansOfInstagram #VeganLife #VeganLifestyle #VeganForTheAnimals #VeganForHealth #VeganForThePlanet #VeganForTheEnvironment #VeganForEverything #Veganuary #Veganuary2019 #VeganJanuary #GoVegan #TryVegan

A post shared by Veganuary (@weareveganuary) on

4. Veganisme is ook slecht voor het milieu

Yep, als jouw vegan dieet slechts bestaat uit avocado’s, jackfruit en tropisch fruit kan het snel hoog oplopen met de uitstoot van jouw eten. Maar als jij geen dierlijke producten eet en ‘gewoon’ lokale producten koopt, is jouw eetpatroon absoluut duurzaam. Dit is dus ook een grote mythe.

De uitstoot van melk en vlees is vele malen groter dan die van plantaardige producten. Daarnaast blijken de producten ook lang niet zo goed te zijn voor je gezondheid als soms wordt gedacht. Zo schreven we al eerder dat naar schatting 75 procent van de mensen kamt met een overgevoeligheid voor lactose en koemelk.

Een argument dat vaak word opgegooid, is dat ook soja niet zo goed is voor het milieu. Dat klopt, sojateelt heeft veel impact op ontbossing. Daarnaast komt het vooral uit Zuid-Amerika en belast dus ook qua kilometers het milieu meer.

Echter is de meeste soja die wordt verbouwd (meer dan negentig procent, aldus Milieu Centraal) bedoeld om veeteelt te voorzien van voer. “De ruimte die nodig is voor deze teelt in Zuid-Amerika gaat vaak ten koste van het oerwoud of andere natuur.” Lezen we op de website van het Voedingscentrum.

Tip: let erop bij het kopen van sojaproducten dat je kiest voor producten met soja van biologische afkomst. Die is duurzamer geproduceerd dan gewone soja. Ook kiezen voor een Fairtrade keurmerk is een duurzaam idee, die producten zijn over het algemeen beter voor mens en milieu.

5. Uiteten gaan als vegan is moeilijk

Afhankelijk van waar je woont, kan een vegan restaurant vinden moeilijk zijn. In Amsterdam popt het ene na het andere vegan eettentje de grond uit en in een dorp in het oosten van het land gebeurt dat wellicht wat minder snel.

Maar alsnog, als jij ergens uit eten gaat en aan de serveerster, ober of kok vertelt dat je geen dierlijke producten eet, weten ze daar echt wel wat op te vinden. Ook buiten de kaart om.

Daarnaast reisde ik afgelopen zomer door Peru en zelfs dáár vond ik talloze vegan restaurants en opties en kan je als veganist prima uit de voeten.

6. Veganisme is een trend

Diëten komen en gaan. Waar men vroeger massaal vette producten ontweek, zijn tegenwoordig suikers (en gluten) de duivel. Eén van die andere trends is veganisme, want dat doet ook opeens ie-de-reen.

Wrong. Veganisme is geen trend, vegan (of plant-based) eten is het dieet van de toekomst. Geen trend of hype, maar een levenswijze die aan terrein wint, omdat het beter is voor zowel mens als milieu. Deze opgenoemde dingen zijn dus mythes en geloof er niet in.

Dit artikel verscheen eerder op ons zusje Bedrock.nl

Bedrock

Reageer op artikel:
De mythes van veganistisch eten weerlegd (want nee, het is niet duur of saai)
Sluiten